DE BURGERMEESTER ACADEMIE, EEN GESLAAGD RECEPT?

vlaanderen_collage.jpg

20 juni 2016 / Oost-Knollendam

Na de Burgermeester Academie kijk ik met andere ogen naar mijn project. Ik vertrek van een plek, met een brede kijk op wie betrokken is en zoek naar wat mensen verbindt. Voortaan luister ik zonder te begrijpen, lees achter de woorden. Ik duik er in en durf betrokkenheid te tonen. Ik schrijf verhalen om te boeien, vertel om te prikkelen, om reacties uit te lokken, om dynamiek op gang te brengen. Ik ga op zoek naar medestanders en gelijke denkers om samen een droomforum te organiseren dat de start kan zijn van een innoverend participatieproject.

Patricia Maes, cultuurfunctionaris participatie in de stad Sint-Niklaas, blikt terug op de Burgermeester Academie Editie Vlaanderen. Deze editie vond plaats in samenwerking met de Vlaamse Sociale Innovatie Fabriek en werd geleid door Dries Gysels, Yves de Weert en Pepik Henneman.
groep_cartoon.jpg

Zet 15 professionelen uit de overheid samen. Voeg er ervaringen, kennis over innoverende projecten aan toe in een open denkkader. Roer in het denken, verwarm de discussies, laat sudderen in onderzoek. Kruid met nieuwe technieken, experimenteer en toets af.

Dit is het recept voor het geslaagde maal dat we konden proeven in de Burgermeester Academie.
We hebben anders leren denken, luisteren, communiceren. Samen hebben we gefietst, gewandeld, gegeten, gelachen, gedroomd en gediscussieerd. Tijdens de sessies leerden we nieuwe methodieken en ontdekten we nieuwe energieën. We werden uitgedaagd tot creatief denken en handelen. We werden soms in de war gebracht. Structuren, regels, gewoontes werden onderuit gehaald en deden ons een beetje wankelen. Even waren we geen ambtenaar, maar werden sociale innovator.
Het meest opmerkelijke voor mij is dat het slagen van dit gerecht niet zozeer te danken is aan de eigenheid van de deelnemers, maar aan de ingrediënten. In dit licht som ik de verschillende componenten op die voor mezelf de smaak zullen maken in mijn werk (al is ook hier, experimenteerwerk niet verboden).

groep_loopt_KLEIN.jpeg

De basis: Samen stad maken

  • Geef een mandaat aan burgers indien mogelijk.
  • Betrek burgers bij stuurgroepen, indien nodig, zorg voor opleiding.
  • Let op voor ondoordringbare taal en woordgebruik.
  • Ga op zoek naar een andere communicatievormen.
  • Durf advies vragen aan burgers, geef hen meer vertrouwen.
  • Spreek het sociaal kapitaal aan.
  • Niet alles hoeft nieuw te zijn. Goede initiatieven erkennen en tonen, werkt inspirerend voor anderen.
Beernem_-_IMG_7716.jpg

In Genk maakten we kennis met enorm gedreven ambtenaren die de uitdaging aangingen om bewoners te betrekken in een integrale aanpak van participatie en samenwerking van en met bewoners. Ze scheppen een beeld van de stad als een archipel van eilandjes die elk hun eigenheid hebben en die vragen om erkenning. Het is dan de taak van de overheid om in te zetten op boten en bruggen om deze eilandjes te verbinden. Toch wordt er nog te veel voor de mensen gewerkt en te weinig door mensen. Het is een verraderlijke valkuil die we steeds moeten trachten te vermijden. Participatie is de nieuwe democratie. Beleidsprogramma’s dienen horizontaal in alle diensten door te dringen. De werkgroep van ambtenaren uit welzijn kan je bijvoorbeeld verbreden naar cultuur en op die manier stadsbreed werken. Hiervoor is een nieuwe mindset nodig: een openheid bij medewerkers, een managementteam dat de nadruk legt op procesbegeleiding i.p.v. consultancy, procesbegeleiders en beleidsvoorbereiders die met één voet in de samenleving staan, maar vooral doen en experimenten. Het bekende domein verlaten en met lef, geloof, durven denken en dromen. In Genk experimenteerden ze met wijkbureaus (operationeel werken via de buurtwerking) en wijktours (met politici van het bestuur de wijk bezoeken) , met polsslaggesprekken (amateurkunsten uit dezelfde discipline samenbrengen) en denktafels (vrijwilligers nodigen vrienden, kennissen uit voor gesprekken rond een thema). Ze ontwikkelden gesprekskaarten als hulpmiddel om communicatie met minder mondige burgers te stimuleren. Veel van deze tools en good practices zijn bruikbaar in projecten die ik in de toekomst zal organiseren.

Gent_-_IMG_6453.jpg

‘Het onmogelijke bedenken, het ongewone gewoon maken’
In Gent maakten we kennis met het Lab van Troje. We werden ingewijd in de wondere wereld van sociale innovatie. Ook al is er voor bepaalde dromen nog geen draagvlak, dit hoeft ons niet te weerhouden om te spelen met nieuwe ideeën, te experimenteren en interventies te bedenken.
De Leefstraat is een inspirerend project dat we van idee tot uitwerking geanalyseerd hebben. Het project streeft naar maatschappelijke verandering met als belangrijkste inzet de relatie tussen mens en natuur en de relatie tussen bewoners van een straat en de samenleving. Het idee kiemde ergens in de mobiliteitsdienst van de stad Gent en groeide uit tot een kerngroep van jonge enthousiastelingen die een transitieteam oprichten. Hun doel: een link maken tussen bewoners en overheid om een duurzame stad op te bouwen. Van hun ervaringen leerde ik om in de startfase voldoende tijd te nemen om met een kerngroep te brainstormen, zonder daarbij de doelen te strak af te bakenen. De nodige vrijheid inbouwen is vereist om te creativiteit niet te belemmeren. Vanuit de kerngroep kan je opzoek gaan naar ambtenaren, bedrijven en burgers die zich willen engageren om zo een transitieteam op te richten. Het stadsbestuur kan hierbij een belangrijke rol opnemen die in verschillende fases kan wijzigen. In de eerste fase kan de stad als inspirator mensen samenbrengen rond maatschappelijke thema’s en hierbij de informele tussenruimte van ambtenaar met burgers benutten. De stad kan ook als actief facilitator aangesproken worden om de juridische grond van een project mee te helpen uitwerken. Gaandeweg kan het bestuur meer vervlochten geraken en zelfs medeorganisator worden door bijvoorbeeld een financiële ondersteuning, een projectstructuur van medewerkers in te zetten en infrastructuur ter beschikking te stellen.

Beernem_-_IMG_7788.jpg

We evolueren van smart cities naar smart citizens
Leefstraten zijn een voorbeeld van een nieuwe manier om met burgers om te gaan; cocreatie, beleidsparticipatie. De stedelijke politiek en het bestuur zijn veranderd. Dit houdt in dat de ruimtelijke planning meer geregistreerd en afgestemd wordt op sociaal niveau. Het vraagt ook een nieuwe stijl met bijvoorbeeld presentaties aan het college i.p.v. collegenota’s. Een gerichte communicatie naar burgers voeren, antennes richten op bewonersinitiatieven en op wat er leeft in de stad. Het ondersteunen van burgerprojecten, een pioniersfonds oprichten, sociale innovatieprojecten verankeren binnen de stad, zijn nieuwe opdrachten. Het nieuwe bestuur heeft een creatief en transformatief vermogen, legt een verbinding tussen vernieuwingskracht en beleid, werkt met menselijk kapitaal en heeft aandacht voor sociale cohesie en participatie. Het sociaal beleid wordt hoofdbeleid. Op macroniveau werkt de stad aan internationale relaties en netwerken binnen Europa.

Voldoende authenticiteit
Iedereen heeft een eigen visie, een specifieke betrokkenheid, een eigen wereldbeeld. Binnen een stad moeten we op zoek gaan naar wat mensen verbindt. Een goede methode om hen te triggeren is hen aanspreken op hun eigen stadsidentiteit, hen te bevragen over hun visie op de stad en hun dromen voor de stad. Vanuit het bestuur vraagt dit om transitiedenken; speuren naar de maatschappelijke onderstroom en rekoefeningen om de maatschappelijke uitdagingen onder ogen te zien, durven doen, denken en realiseren.

leren_wij_ook_wat.jpg

Vernieuwing start door belevers
In een transitieteam zijn er pioniers, volgers en ontwerpers. Dit zijn geen bepaalde types van mensen. Iedereen is in een bepaald gebied volger of pionier of ontwerper. De rol van volger is misschien het moeilijkst om aan te nemen. Bovendien werkt deze rol niet stimulerend voor de creativiteit. Mensen zijn gemakkelijker te overtuigen om aan iets mee te werken indien ze het gevoel hebben dat ze pioniers zijn in hun leefkader (als vrijwilliger, buur, oudere, jongere, vakman, ambtenaar…).
Vernieuwing start door belevers. Wat drijft hen? Belevers zijn de enthousiastelingen. Ze hebben goesting (intrinsieke motivatie), weten waar ze naar toe willen en weten dat ze een verschil kunnen maken dat hen betekenis kan geven. Ze voelen zich aangesproken in hun competenties en engageren zich op vrijwillige basis. Te lang nadenken op voorhand werkt niet inspirerend. Het is beter om acties te bedenken. Zo kan de cirkel van belevers zich steeds concentrisch blijven uitbereiden naar nieuwe belevers, volgers en ontwerpers. Alleen dan is echte transistie mogelijk.

Tijdelijke vernieuwingsnetwerken uitbouwen en laten gisten
Cocreatie is iets relatief nieuw doen, gebaseerd op gelijkwaardigheid. Cocreatie kan enkel ontstaan uit synergie. Een langzaam proces is nodig om de draagkracht te onderzoeken. Bij cocreatie kan het bestuur de rol krijgen van dramaturg die steeds oog heeft voor participatie van kwetsbare groepen. Het is echter belangrijk dat de natuurlijke flow gerespecteerd wordt. Een project moet organisch kunnen groeien door opportuniteiten te herkennen en er gebruik van te maken.

De bakplaat is de plek
Waarom niet vertrekken van een plek i.p.v. een regio? Een plek die mensen verbindt (zorg, scholen, vrije tijd). De plek moet een plaats zijn van gemeenschappelijkheid waar samenwerking tussen buurt en voorzieningen mogelijk is. Daarbij moet je frontaal durven kijken, onderzoeken of iets zich herhaalt op een hoger niveau. Vanuit een wereldcafé kan je mensen samenbrengen en een focusgroep oprichten met deelnemers uit verschillende organisaties. Hierbij steeds het conflict vermijden en focussen op positieve verhalen. De plek zelf een stem geven als vergeten stakeholder (de plek=de aarde en de tijd=synchroniciteit).

Beernem_-_IMG_7868.jpg

Kruiden met pit
De Joepieacademie (Joep Luycx) daagt je uit om te communiceren met pit. Je idee verwoorden op een manier dat het anderen prikkelt, uitdaagt, nieuwsgierig maakt. De Joepie is een heel eenvoudige tool die je daar bij helpt. Het begint met een vraag en 3 antwoorden. Begin met ik en spreek je rechterhelft van je hersenen aan. Schrijf zoals je spreekt en durf overdrijven of de stelling omkeren en terug omkeren. Verzin een titel. Lees hardop en zet in de goede volgorde (begin, midden, eind).

Terug naar blogpagina.